Iedere klas heeft een mentor, meestal zelfs twee. Een mentor is iemand die je begeleidt. Gymmen doe je in de eerste drie klassen met je eigen klas. In de vierde klas kun je kiezen wat je wilt gaan doen. Je hebt twee pauzes, een grote pauze en een kleine. De kleine is een kwartier en de grote pauze een half uur. In klas 1 en 2 heb je geen tussenuren. Wanneer er bijvoorbeeld een docent ziek is, dan wordt de les vervangen of je bent eerder vrij.

De mentor spreekt

Als je naar de grote school gaat, is het allemaal heel anders dan op de basisschool. Je hebt niet ieder uur dezelfde leraar voor de klas staan. Er zijn heel veel kinderen die je niet kent. De school is veel groter dan je gewend bent. En je krijgt heel andere vakken. Op de Burgemeester Harmsma School weten we dat het allemaal best heel spannend is, wanneer je ineens naar een andere school gaat. Daarom krijg je in de eerste klas twee mentoren. Dat zijn twee leraren of leraressen waarvan je in de eerste klas veel les hebt. Iedere week in ieder geval vijf uur, maar soms nog wel meer. Corita van der Veen is al een paar jaar mentor. Dat vindt ze heel leuk werk. “Ik wil er alles aan doen om te zorgen dat de kinderen uit mijn mentorklas zich thuis voelen op school. Daarom wil ik ze ook zo snel mogelijk goed leren kennen”.

Mevrouw van der Veen staat daarom altijd voor haar leerlingen klaar. Voor vragen over van alles en nog wat kunnen de leerlingen iedere dag bij haar terecht. Dat hoeven niet altijd grote problemen te zijn. Ook met heel eenvoudige vragen zijn de kinderen uit haar mentorklas welkom. “En hebben leerlingen heel persoonlijke dingen te bespreken over thuis of over andere zaken die de andere leerlingen niets aan gaan, dan ga ik even met de leerling apart