De leerlingenbegeleiding is één van de belangrijkste pijlers van de school, waarbij de relatie van de mentor met zijn stamgroep een belangrijke plaats inneemt.

In de onderbouw heeft de mentor twee ingeroosterde begeleidingsuren beschikbaar voor de klas. Een deel daarvan wordt gebruikt voor een kringgesprek, waarbij het uitwisselen van ervaringen tussen de leerlingen onderling centraal staat; de overige tijd wordt besteed aan niet-vakgebonden projecten. Ook in het derde jaar staan er lesuren voor leerlingbegeleiding op het rooster.

De mentor is voor de leerling de eerst aanspreekbare persoon als het gaat om ondersteuning bij het leren, het maken van school- en/of vakkeuzes als wel op sociaal-emotioneel gebied. Pas in tweede instantie, wordt indien nodig, gebruik gemaakt van aanvullende ondersteuning van aan de school verbonden hulpverleners als sociaal verpleegkundige / schoolarts, schoolmaatschappelijk werker en/of leerplicht ambtenaar.

De mentor probeert een voor de leerlingen zodanig pedagogisch klimaat te scheppen, dat de leerling zich optimaal kan ontplooien en met plezier naar school gaat. Daarvoor worden de begeleidingsuren gebruikt, maar de mentor onderhoudt ook de contacten met de ouders en de basisscholen.

In klas 1 en 2 hebben de stamgroepen een eigen vast lokaal; daarin worden alle lessen gegeven die niet aan een vaklokaal zijn gebonden. Samen met de mentor kunnen de leerlingen hun eigen lokaal inrichten.

In de mentorprojecten komen onderwerpen aan de orde die noodzakelijk zijn om in de maatschappij als burger te kunnen functioneren en die zo dicht mogelijk de belangstellingssfeer van de leerling benaderen: samenwerken, seksualiteit, pestgedrag enz. Het ontwikkelen van sociale vaardigheden staat tijdens het werken aan deze projecten centraal.

Zorgcoördinatoren

Dhr. S. Velda

zorgcoördinator onderbouw

Mevr. F. Yigitdöl

zorgcoördinator onderbouw

Dhr. F.H.G. de Boer

zorgcoördinator bovenbouw

Zorgbreedte

De Burgemeester Harmsma School neemt in principe alle basisschoolverlaters op, die voldoen aan de criteria benodigd voor het op doelmatige wijze volgen van onderwijs van VMBO t/m HAVO niveau.

Deze criteria zijn respectievelijk:

  • Voldoende cognitieve capaciteiten
  • De gemeten leerachterstand
  • Sociaal-emotioneel functioneren

Bij de toelating hanteert de school de regelgeving rondom Passend Onderwijs en is aangesloten bij samenwerkingsverband Passend Onderwijs Zuidoost Friesland 21-02.  In de regelgeving geldt, dat leerlingen moeten kunnen voldoen aan het inrichtingsbesluit en dat er plaatsruimte is op de school. Sinds 2015 hanteert de BHS het criterium dat voor aanmeldingen boven basiszorg niet boven de algemene klassengrootte van 24 leerlingen per klas wordt gegaan. Ten aanzien van de grondslag geldt dat de school de signatuur Openbaar Onderwijs heeft.

Via dit samenwerkingsverband heeft de school een schoolondersteuningsprofiel ontwikkeld. De toelaatbaarheid van de leerlingen wordt conform de regelgeving rondom Passend Onderwijs getoetst aan het schoolondersteuningsprofiel.

Met de invoering van Passend Onderwijs hebben alle scholen, dus ook onze school, zorgplicht. Dit betekent dat  scholen een passende onderwijsplek moeten zoeken voor leerlingen met extra ondersteuningsbehoeften, op de eigen school of op een andere school. Ouders hoeven dus niet meer alleen op zoek naar een passende onderwijsplek voor hun kind. Als een leerling een extra ondersteuningsbehoefte heeft zal onze school samen met de ouders in kaart brengen wat de ondersteuningsbehoefte precies is en of het mogelijk is binnen onze school deze extra ondersteuning te bieden. Onze school heeft hiervoor een schoolondersteuningsprofiel opgesteld waarin de  ondersteuningsmogelijkheden zijn beschreven. Dit ondersteuningsprofiel kunt u opvragen en voor specifieke vragen hierover kunt u contact opnemen met de zorgcoördinatoren van onze school.

Ondanks de ondersteuningsmogelijkheden op school kunnen we niet voor elke leerling een passend onderwijsaanbod bieden. Daarom werken we samen met andere scholen voor voortgezet onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs in de regio in het samenwerkingsverband Zuidoost Friesland,  zodat er voor elke leerling een passend onderwijsaanbod kan worden geboden.

Wanneer blijkt dat een leerling extra ondersteuning nodig heeft, die alleen kan worden geboden op een school voor voortgezet speciaal onderwijs (cluster 3 of 4) dan kan de school de leerling aanmelden bij de Toewijzingscommissie. Deze onafhankelijke commissie binnen het samenwerkingsverband Zuidoost Friesland bepaalt op grond van de aangeleverde informatie of de leerling toelaatbaar is tot het voortgezet speciaal onderwijs. Als dat het geval is, dan zal deze commissie een toelaatbaarheidsverklaring afgeven waarmee ouders hun kind kunnen aanmelden bij het voortgezet speciaal onderwijs.

Leerlingen die voldoen aan de criteria  voor leerwegondersteunend onderwijs (LWOO) worden op de gebruikelijke wijze aangemeld via de basisschool  en worden toegelaten binnen de criteria van het schoolondersteuningsprofiel van de school.

De zorg voor de individuele leerling binnen een kindvriende­lijk pedagogisch klimaat blijft een belangrijk uitgangspunt van de school. Deze aandacht voor zorg is één van de belangrijkste voorwaarden voor een optimale ontwikkeling van de leerling.

Deze zorg manifesteert zich op verschillende manieren in de school:

  • Leerlingbegeleiding door de mentoren binnen en buiten de les.
  • Extra hulp binnen de vaklessen:
    • Deels extra instructie/hulp in de les;
    • Deels door het aanbieden van verschillende opdrachten (differentiatie binnen klassenverband);
    • Deels door het samenwerken en elkaar helpen te stimuleren bij leerlingen.

De school biedt daarnaast nog mogelijkheden voor hulp buiten de lessen.

Extra hulp

1. Hulplessen Nederlands
Eén uur per week in klas 1 en 2: Vooral bedoeld om achterstanden op taalgebied met behulp van spellingtraining en/of leestraining te verminderen/weg te werken. Deze extra hulp is van korte duur: ± 10 weken of zoveel langer/korter als nodig is.

2. Dyslexiebegeleiding
Bestemd voor leerlingen met structurele taalproblemen; aan de hand van onderzoeksgegevens wordt vooraf een handelingsplan opgesteld. De begeleiding vindt plaats in klas 1 en 2.

3. Remedial Teaching voor alle LWOO-leerlingen en leerlingen met dyslexie
Voor alle LWOO-leerlingen is gedurende klas 1 t/m 4 Remedial Teaching mogelijk die dient ter ondersteuning van de vaklessen.

4. Rekenen
Gedurende de wiskundelessen is extra aandacht voor rekenen. Voor begeleiding van leerlingen met grote rekenproblemen is in klas 1 extra hulp in de les aanwezig.

5. Extra HAVO-begeleiding

Leerlingen die aan het einde van het derde leerjaar de overstap naar HAVO 4 willen maken, krijgen per week 1 extra uur begeleiding voor Engels en 1 uur voor Wiskunde-/NaSk1. Door juist voor deze vakken extra begeleiding te verzorgen verloopt de overgang van het derde leerjaar naar HAVO 4 erg soepel.

6. Huiswerkbegeleiding
Doel van de huiswerkbegeleiding is om leerlingen te leren, hoe ze met hun huiswerk moeten omgaan en om ze extra hulp te geven bij het aanleren van studievaardigheden. Aanmelding voor de huiswerkbegeleiding vindt plaats op geheel vrijwillige basis na overleg met de leerling en met toestemming van ouders/verzorgers. De huiswerkcoördinator heeft een intake-gesprek met de leerling om vooraf de problemen in kaart te brengen. De huiswerkbegeleiding duurt acht weken en vindt twee keer per week buiten schooltijd plaats.

7. Aanvullende leerlingenzorg en Interne Individuele Begeleiding
De mentor heeft onder andere als taak om leerlingen die dreigen uit te vallen door gedrags-, sociaal-emotionele- en/of didactische problemen tijdig te signaleren en te begeleiden. Via een intakeprocedure van de zorgcoördinatie kunnen deze leerlingen door één van de interne begeleiders worden geholpen. De interne begeleiders vervullen tevens een belangrijke functie in de aanvullende begeleiding voor de leerlingen die een beschikking hebben voor leerweg ondersteunend onderwijs. De aanpak voor deze begeleiding is samen te vatten als een zogenaamde “één zorg route”: een volledig op elkaar afgestemde werkwijze van onderwijs en begeleiding.

8. Faalangstreductietraining
Eens per jaar wordt er voor de leerlingen van de school onder leiding van door de school opgeleide specialisten een faalangstreductietraining georganiseerd. Doel van de cursus is om leerlingen te leren effectief om te gaan met faalangst en andere spanning (stress) door andere eisen te stellen aan zichzelf, aan andere mensen en aan de wereld om hen heen.

9. Examenvreestraining
Als voorbereiding op de Schoolexamens (SE) en het Centraal Schriftelijk Examen (CSE) wordt voor de leerlingen een examenvreestraining georganiseerd. Doel van deze bijeenkomsten voor uitsluitend examenkandidaten is om via het doen van ontspanningsoefeningen (thuis) en het stimuleren van planmatig werken de angst voor de examens te reduceren. Deze bijeenkomsten onder leiding van de interne begeleiders van de bovenbouw bestaan vooral uit het verstrekken van tips en adviezen. Van het aanbod wordt door de leerlingen veel gebruik gemaakt.